Het waargebeurde leerverhaal van Scholengroep Holland (1)

Scholengroep Holland (SHG) benaderde mij met een vraag. Zij waren van start gegaan met een transitie met de nieuwsgierigmakende naam WHWMHZ (WieHetWeetMagHetZeggen). Of ik in gesprek wilde gaan over het optekenen van dit proces en hoe ik dit zou aanpakken? Na het lezen van het strategisch beleidsplan voor de komende drie jaar werd ik enthousiast. Ik dacht na over hoe ‘wie ik ben’ zich vertaalt in ‘wat ik doe’ en tekende een boekje over de transitie. Het gesprek wat ermee gepaard ging was ontzettend leuk en ik kreeg het groene licht voor de opdracht: het optekenen van het leerverhaal van de culturele transformatie naar een professionele leergemeenschap (WHWMHZ) van Scholengroep Holland. Met het optekenen wilde SGH het leerproces zichtbaar en inzichtelijk maken en antwoord zoeken op de vragen: ‘wat zijn wij aan het doen?’, ‘wat gaat er goed en wat niet?’, ‘zitten we op de goede weg?’. Maar waarom eigenlijk? Het doel van SGH was tijdens het proces voortdurend zelf te leren, het leerproces overdraagbaar te maken zodat de interne organisatie ervan kon leren én ervoor te zorgen dat het leerproces geborgd werd.  Daarnaast kon ook de buitenwereld van dit leerproces kennis nemen en leren. 

Het waargebeurde leerverhaal van Scholengroep Holland (2)

Hoewel ik op dat moment druk doende was met het schrijven van mijn boek ‘Zoektocht naar leiderschap’, aarzelde ik geen moment om ‘ja’ te zeggen. Als je iets echt wil, moet je het gewoon doen! En de uitdagingen die je onderweg tegenkomt, die los je op met de wijsheid van dat moment.

Voor het leerverhaal was het van belang dat ik met allerlei stakeholders in gesprek zou gaan en verschillende perspectieven kon optekenen en dat heb ik gedurende het hele traject gedaan. De vragen gingen over het waarom van hun aanwezigheid tijdens de zgn. releases (bijeenkomsten van WHWMHZ), of en wat zij al wisten van de transitie, wat ze er eigenlijk van vonden en of ik hen op een later moment van dit proces nog eens mocht benaderen voor een gesprek. Het waren individuele interviews, groepsbijeenkomsten, bezoeken aan scholen en gesprekken met externe stakeholders.

Vanaf dat eerste moment ontmoette ik in de organisatie veel openheid en dat uitte zich in enthousiasme, cynisme, blijdschap, kritiek, onzekerheid en ook onwetendheid over het verhaal van de transitie. En een enkele keer: nee, ik heb geen behoefte aan een gesprek. Het mooie was: alles mocht er zijn. De bestuurder en projectleider waren zeer geïnteresseerd in hoe het werd ervaren en ook hoe zij zélf werden ervaren. Ik stelde ook hen vragen; soms waren dit vragen die voor anderen moeilijk te stellen waren, maar voor mij als ‘vlieg aan de muur’ pasten omdat ik ze vanuit mijn rol geacht werd te stellen. Dat gaf mij veel vrijheid. Niets was taboe.

Bestuurder en projectleider gaven elkaar feedback en zelfreflectie was bij een onderdeel van het proces. Voortdurend waren zij aan het zoeken, oefenen, leren en waren zij net als alle andere collega’s van SGH onderdeel van het geheel. Kwetsbaar op momenten, krachtig op andere momenten. Soms twijfelend over de koers en over ‘de goede weg’, onzeker over de opbrengst, maar voortdurend met een innerlijke geloof aan het juiste te werken. Mooi om van nabij te mogen aanschouwen. Ik tekende alle verhalen en interviews op, er ontstond voorzichtig een lijn. Ik kreeg veel ruimte en vertrouwen en kon zo voortdurend inspelen op dat wat zich aandiende. 

Het waargebeurde leerverhaal van Scholengroep Holland (3)

Van nabij zag ik dat leiderschap ook eenzaamheid kent. Het was geen voortdurende triomftocht met alleen maar fijne ontmoetingen en gesprekken. Het waren ook de níet populaire besluiten die genomen moeten worden, de spannende gesprekken die gevoerd werden. Tegelijkertijd was het bouwen aan vertrouwen. Een moeilijke opgave.

Zichtbaar werd ook dat het geloof in dit proces en de volhardig die ervoor nodig was, uit het diepste van de ziel komen. Het is écht en waarachtig. Dat voelen mensen, ook al zijn ze het er zelf misschien niet mee eens. Daarmee werd een basis voor vertrouwen gelegd.

Gedurende het proces voerde ik betekenisvolle gesprekken met alle schoolleiders. Ieder van hen wilde het beste voor de kinderen. In de tijd van nu gaat leiderschap vaak gepaard met voorbeelden van belangenverstrengeling, zelfverrijking en niet-integer gedrag. Daar heb ik geen voorbeelden van gezien bij SGH. Voor de schoolleiders was dit geen baan van 9 tot 5, maar misschien wel een roeping. En eentje die, zeker in deze complexe tijd, veel van hen vraagt. De diversiteit van de schoolleiders trof mij. Leiderschap op de voorgrond en achtergrond, ze waren er beide. Aanwezigheid en bescheidenheid, in ruimte nemen en ruimte geven. Ook hier was men aan het leren en waren zelfreflectie, feedback geven en ontvangen onderwerpen van gesprek. Maar soms kwam men er door de hectiek en waan van de dag gewoon niet aan WHWMHZ toe. En ook dat was een realiteit.

Het leerverhaal kreeg mede door de interviews met de schoolleiders steeds meer vorm. Daarna volgde het transitieteam; een prachtig, divers team met niet-vanzelfsprekende teamleden in andere rollen dan hun dagelijkse rol. Ook daar was veel diversiteit. Weer een mooi perspectief. Ik begon er ook bij te tekenen. Niet omdat ik dat zo goed kan, sterker nog, ik teken heel naïef. Maar omdat ik merkte dat door het tekenen een andere snaar geraakt werd en daarmee een ander gevoelsniveau.

Het waargebeurde leerverhaal van Scholengroep Holland (4)

Nadat het proces van WHWMHZ verschillende stadia had doorlopen besloot men het transitieteam te ontbinden. Niet alles is voor altijd. De volwassenheid van dit besluit en het gesprek wat hiermee gepaard ging, waren bijzonder. Hoewel het voor betrokkenen veel had betekend, moesten zij dit nu loslaten. Hun rol was een tijdelijke geweest en dat wisten zij vooraf, maar het loslaten ging gepaard met verlies. Ook werd afscheid genomen van de projectleider; de medewerkers waren nu zelf in staat het vervolg op te pakken. Belangrijk voor deze fase was dat de schoolteams eigenaar moesten worden van de transitie. Dat gebeurde onder andere door de oprichting van professionele leergemeenschappen (PLG’s) gedurende WHWMHZ. Deze PLG’s waren opgericht voor kennisdeling en het onderhouden van relaties. Voortdurend vraagt dit nog aandacht en onderhoud.

Toen was het moment daar dat het leerverhaal zijn definitieve vorm kreeg. Er is gepuzzeld om te komen tot een passend geheel en goede vorm. Uiteindelijk is gekozen voor een verhaalvorm, maar dan wel een waargebeurd verhaal. Een verhaal met een begin, een midden en een einde. Hoewel het geen echt einde is, want de organisatie gaat gewoon verder en heeft ook een plan hiervoor. Ook dat is erin opgenomen.

Eind oktober is het boek ‘Wie is er níet aan het leren’ in eigen beheer door SGH uitgebracht, onder inspirerende leiding van Carl Fikenscher. De vormgeving heeft Joke Schat voor haar rekening genomen. Ik ben er trots op en dankbaar voor dat alle betrokkenen met zoveel openheid hebben bijdragen aan de totstandkoming. Daarin gaven bestuurder Carl Fikenscher en projectleider Djoro Loupatty steeds het goede voorbeeld.

Mijn wens is dat dit boek mensen mag inspireren tot onderzoek en nieuwsgierigheid, tot het vragen stellen en uitstellen van de antwoorden. En niet in de laatste plaats dat het hen mag uitdagen tot het regelmatig verlaten van de gebaande paden voor de broodnodige expeditie of pioniersessie.